Maandag 24 November ging de internationale toneelklassieker Tot Volgend Jaar in premiére in de Koninklijke Schouwburg te Den Haag. In deze voorstelling, die is gebaseerd op de film Same Time Next Year, weten toneel-giganten Liz Snoijink (als Dorus) en Peter Tuinman (als George) samen een geweldige chemie te creëeren. Met zijn tweëen weten ze bijna twee uur lang het publiek te boeien.
Het verhaal van Tot Volgend Jaar is simpel; twee vreemden, Dorus en George, ontmoeten elkaar in het jaar 1951 en hebben samen een affaire en ze besluiten daarna om elk jaar op dezelfde datum weer af te spreken. Wat volgt is een liefdesverhaal dat meer dan 25 jaar spant. We krijgen te zien hoe ze elkaar telkens weer in dezelfde hotelkamer ontmoeten, beiden elke keer weer een beetje anders. De gesprekken die de twee hebben zijn grotendeels gebaseerd op hun ‘echte’ leven; het leven wat plaatsvindt als ze elkaar niet zien. Dorus en George spreken af dat ze bij elke ontmoeting een onaardig én een leuk verhaal over hun echtgenoten vertellen. Dat de twee met een schuldgevoel kampen is een logische consequentie, maar hoe dat schuldgevoel zich ontwikkelt over de jaren is interessant om te zien. Ook mooi om te zien is hoe de sociale verandering van de 20e eeuw gereflecteerd wordt in hun ontmoetingen. Dorus die steeds ge-emancipeerder raakt en George die na het verlies van een dierbare juist steeds conservatiever wordt. Het levert naast de komedische momenten (zoals een hilarische bevallingsscène) ook momenten op die je diep raken.
Op het spel van Snoijink en Tuinman is niks aan te merken, beiden bewijzen dat de reputatie die ze hebben compleet verdient is. Snoijink weet precies over te brengen hoe gecompliceerd het leven van een vrouw kan zijn; wanneer Dorus het idee heeft dat ze haar man aan het verliezen is aan haar eigen succesvolle carrière weet Snojijnk de gevoelige snaar te raken. Ze speelt Dorus beheerst, maar tegelijkertijd vol passie. Het is wonderbaarlijk om naar te kijken. Dat Tuinman wel weet hoe met komedie om te gaan wordt al snel duidelijk. Hij neemt zijn tijd om de grappen op een preciese manier op te dienen, wat het gewenste effect bereikt. Maar in de scène waarin George een complete ommekeer lijkt te maken van een romantische, wat knullige jongen naar een racistische, seksistische conservatieveling, bewijst Tuinman dat ook het zwaardere materiaal hem prima ligt. Niks dan bewondering. Het decor is simpel maar effectief. Er is niks meer nodig dan een hotelkamer, die met de jaren mee verandert. Er komen dus wat afgrijselijk lelijke kleurpatroontjes voorbij. Het feit dat elke nieuwe scène (en dus nieuw tijdperk) wordt ingeleid met muziek van dat jaar en foto’s uit die periode voegt veel toe. Het zorgt ervoor dat het publiek een referentiekader heeft voor de periode en dus de staat van de samenleving op dat moment. Ook leuk zijn de foto’s van Snojink en Tuinman zelf, die de acteurs laten zien op de leeftijd die ze volgens het verhaal op dat moment zouden moeten zijn. De manier waarop muziek gebruikt wordt in het stuk is heel effectief; vooral de waanzinnig mooie finale waarin de klassieker Time after Time wordt gezongen door Eva Cassidy laat zien dat muziek heel veel toe kan voegen.
Tot Volgend Jaar is een aanrader. Hoewel niet alle overgangen van komedie naar tragedie even goed werken is het materiaal desondanks waanzinnig goed. Het is een romantische komedie die diepgang heeft te bieden, en dat maakt het een mooi avondje toneel. Het feit dat twee rasacteurs als Snoijink en Tuinman aan het roer staan zou genoeg moeten zien om iedereen over te halen om Tot Volgend Jaar te komen bewonderen.
Door Lina Knol
Het verhaal van Tot Volgend Jaar is simpel; twee vreemden, Dorus en George, ontmoeten elkaar in het jaar 1951 en hebben samen een affaire en ze besluiten daarna om elk jaar op dezelfde datum weer af te spreken. Wat volgt is een liefdesverhaal dat meer dan 25 jaar spant. We krijgen te zien hoe ze elkaar telkens weer in dezelfde hotelkamer ontmoeten, beiden elke keer weer een beetje anders. De gesprekken die de twee hebben zijn grotendeels gebaseerd op hun ‘echte’ leven; het leven wat plaatsvindt als ze elkaar niet zien. Dorus en George spreken af dat ze bij elke ontmoeting een onaardig én een leuk verhaal over hun echtgenoten vertellen. Dat de twee met een schuldgevoel kampen is een logische consequentie, maar hoe dat schuldgevoel zich ontwikkelt over de jaren is interessant om te zien. Ook mooi om te zien is hoe de sociale verandering van de 20e eeuw gereflecteerd wordt in hun ontmoetingen. Dorus die steeds ge-emancipeerder raakt en George die na het verlies van een dierbare juist steeds conservatiever wordt. Het levert naast de komedische momenten (zoals een hilarische bevallingsscène) ook momenten op die je diep raken.
Op het spel van Snoijink en Tuinman is niks aan te merken, beiden bewijzen dat de reputatie die ze hebben compleet verdient is. Snoijink weet precies over te brengen hoe gecompliceerd het leven van een vrouw kan zijn; wanneer Dorus het idee heeft dat ze haar man aan het verliezen is aan haar eigen succesvolle carrière weet Snojijnk de gevoelige snaar te raken. Ze speelt Dorus beheerst, maar tegelijkertijd vol passie. Het is wonderbaarlijk om naar te kijken. Dat Tuinman wel weet hoe met komedie om te gaan wordt al snel duidelijk. Hij neemt zijn tijd om de grappen op een preciese manier op te dienen, wat het gewenste effect bereikt. Maar in de scène waarin George een complete ommekeer lijkt te maken van een romantische, wat knullige jongen naar een racistische, seksistische conservatieveling, bewijst Tuinman dat ook het zwaardere materiaal hem prima ligt. Niks dan bewondering. Het decor is simpel maar effectief. Er is niks meer nodig dan een hotelkamer, die met de jaren mee verandert. Er komen dus wat afgrijselijk lelijke kleurpatroontjes voorbij. Het feit dat elke nieuwe scène (en dus nieuw tijdperk) wordt ingeleid met muziek van dat jaar en foto’s uit die periode voegt veel toe. Het zorgt ervoor dat het publiek een referentiekader heeft voor de periode en dus de staat van de samenleving op dat moment. Ook leuk zijn de foto’s van Snojink en Tuinman zelf, die de acteurs laten zien op de leeftijd die ze volgens het verhaal op dat moment zouden moeten zijn. De manier waarop muziek gebruikt wordt in het stuk is heel effectief; vooral de waanzinnig mooie finale waarin de klassieker Time after Time wordt gezongen door Eva Cassidy laat zien dat muziek heel veel toe kan voegen.
Tot Volgend Jaar is een aanrader. Hoewel niet alle overgangen van komedie naar tragedie even goed werken is het materiaal desondanks waanzinnig goed. Het is een romantische komedie die diepgang heeft te bieden, en dat maakt het een mooi avondje toneel. Het feit dat twee rasacteurs als Snoijink en Tuinman aan het roer staan zou genoeg moeten zien om iedereen over te halen om Tot Volgend Jaar te komen bewonderen.
Door Lina Knol